Menu

Zonnen mag weer

Posted on

Verschil van inzicht over de voor- en nadelen van zonlicht 

Zonnen helpt waarschijnlijk om bepaalde vormen van kanker te voorkomen. Dat vindt dermatoloog en publicist Han van der Rhee. Maar niet iedereen is het daarmee eens.

Jarenlang zijn de negatieve effecten van zonlicht benadrukt, maar tegenwoordig is er steeds meer erkenning voor de positieve effecten van zonnen. Onderzoeken laten een relatie zien tussen aanmaak van vitamine D onder invloed van zonlicht en preventie van ziekten. Vitamine D zou bijdragen aan het voorkómen van onder meer dikkedarm-, prostaat- en borstkanker en non-Hodgekinlymfoom. Bovendien zou zonlicht een gunstig effect hebben op multiple sclerose, depressie en huidaandoeningen als eczeem, puistjes en psoriasis.

Wereldwijd is er een ware zonlobby op gang gekomen. De Wereldgezondheidsorganisatie WHO rapporteerde dat een relatie tussen zonlicht en een verminderd risico op kanker aannemelijk is. Toch concludeerde de WHO dat het bewijs nog onvoldoende is om adviezen aan te passen. In Groot-Brittannië is epidemioloog en zonlobbyist Oliver Gillie actief in het bewerken van de media en onderzoeksorganisatie Cancer Research UK.

Gillie stelt dat vitamine D niet alleen voordelen heeft bij het voorkómen van kankersoorten. Volgens hem is een vitamine-D-tekort een risicofactor voor het ontwikkelen van diabetes, hartziekten, artritis en infecties. Verder meldt hij dat het aantal gevallen van melanoom is toegenomen omdat gezondheidsorganisaties adviseren de zon te mijden en zonnebrandcrèmes met een hoge UV-factor te gebruiken.

Deze adviezen leidden volgens hem tot een vitamine-D-tekort. In de Britse media verschenen onlangs berichten dat Cancer Research UK haar volksgezondheidsadvies radicaal gaat veranderen: van zon mijden naar zon aanbidden. Maar, navraag bij Cancer Research UK leert dat die vooralsnog helemaal niet van plan is de adviezen aan te passen. ‘We zouden alleen onze adviezen aanpassen als er duidelijk nieuw bewijs komt dat ons daartoe verplicht’, zo laat woordvoerder Sally Staples weten.

Bewijslast
Ook in Nederland is een zonlobby op gang gekomen. Dermatoloog en publicist Han van der Rhee vergeleek verschillende wetenschappelijke publicaties en kwam tot de conclusie dat zonnen voor hogere vitamine-D-waarden zorgt en dat het daardoor zeer goed mogelijk is dat ziekten worden voorkomen. Hij schreef er het boek Zonnen mag | Een nieuwe visie op zon en gezondheid over. Daarin haalt hij het nog niet verschenen signaleringsrapport ‘De relatie tussen kanker, zonnestraling en vitamine D’ van KWF Kankerbestrijding aan. Dat rapport – waaraan hij overigens meewerkte – stelt dat het plausibel is dat zonlicht het risico op dikkedarm-, prostaat- en borstkanker vermindert.

‘De bewijslast is nog niet sluitend’, licht hij toe. ‘Maar alles wijst erop dat de zon helpt bij de preventie van typen kanker die vaak vóórkomen en die veel dodelijker zijn dan huidkanker zoals basaalcelcarcinoom. Ik vind dat we nu de positieve effecten van zonlicht best mogen melden: in het verleden werd er immers ook gewaarschuwd voor iets waarvoor het definitieve bewijs nog niet was geleverd, namelijk overmatig zonnen.’

Mensen zijn te bang gemaakt voor de zon

Van der Rhee meldt dat van de 40.000 Nederlanders per jaar die huidkanker krijgen, ongeveer 80 procent basaalcelcarcinoom heeft: ‘Aan die vorm gaat vrijwel niemand dood. Ook van een tweede type huidkanker, het plaveiselcelcarcinoom, genezen de meeste patiënten. Mensen gaan vooral dood aan het derde type, het melanoom. Dit type ontstaat vooral door verkeerd zonnen en herhaaldelijk verbranden.’

Van der Rhee concludeert daarom dat je gerust kunt zonnebaden, zolang je het maar niet overdrijft en niet verbrandt.

Van der Rhee kan geen pasklare adviezen geven hoeveel en hoe lang mensen mogen zonnebaden, dat hangt van allerlei factoren af: de tijd van het jaar, huidtype, zonkracht en of iemand al dan niet gebruind is. ‘Dat is een moeilijke vraag om te beantwoorden maar ik heb de marge misschien wat wijder gesteld. Mensen zijn te bang gemaakt voor de zon.

Tot slot brengt Stichting verantwoord zonnen, afgekort SVZ hier nog de volgende stelling naar voren:

Stel dat iemand driemaal per maand een bezoek van 15 minuten aan een zonnestudio brengt en hij doet dat negen maanden per jaar, dan krijgt hij per jaar ongeveer zeven uur UV-licht op zijn lichaam. Daarbij geeft de moderne zonnebank evenveel UV-licht als middagzon aan de Middellandse Zee. Het Internationale Agentschap voor Onderzoek naar Kanker heeft de zon en de zonnebank nu ook in dezelfde risicocategorie geplaatst.

Als iemand een strandvakantie van een week houdt in Spanje,is er al gauw sprake van:
zeven dagen van gemiddeld vier à vijf uur verblijf op het strand. Tenzij hij al die tijd met kleren aan in de schaduw vertoeft – hetgeen in de praktijk niet het geval is krijgt hij tussen de 25 en 35 uur UV-licht op zijn lichaam.

Anders gezegd:
Eén week op het Spaanse strand staat gelijk aan vier á vijf jaar zonnebankgebruik.

Daarbij went de huid bepaald niet langzaam aan veel UV-licht zoals bij een goed opgebouwde zonnebankkuur met een aantal sessies wél het geval is. Ook wordt in die kuur zonnebrand altijd vermeden.

Zo geredeneerd, biedt de zonnebank juist een gematigde vorm van zonnen met veel minder risico’s dan de natuurlijke zon. Maar SVZ wil vanzelfsprekend niemand die natuurlijke zon ontzeggen.

Daarvan moet iedereen kunnen genieten, maar wel zo veilig mogelijk …….

Welkom bij Profizon.

 

Bron: http://medischcontact.artsennet.nl/Tijdschriftartikel 2010
Publicatie: Nr. 31/32 – 05 augustus 2010
Jaargang: 2010
Auteur: I.L.E. Lutke Schipholt